Bijdrage Monitor 2019-I


10 juli 2019

Voorzitter,

De eerste Monitor van 2019, nog door het vorige college opgesteld, ligt voor ter bespreking met het nieuwe college.

Een mooi moment om eens te peilen hoe het nieuwe college erin staat. De Partij voor de Dieren wil dat doen op 3 onderwerpen: nieuwe energie, de stikstofproblematiek en de ontwikkelopgave Natura 2000. Tot slot hebben we nog een amendement over de voorgestelde wijziging in de subsidies voor het uitvoeringsprogramma Agro & Food.

Als eerste Nieuwe energie. De discussies die we de afgelopen jaren hierover gevoerd hebben gingen vaak over percentages, over doelstellingen en over de vraag of we die doelstellingen gaan halen. Van het vorige college kregen we dan altijd te horen dat we goed op weg waren naar de 20% Nieuwe Energie in 2023. En wij uitten dan onze zorgen over het gebrek aan zichtbare voortgang in de realisatie. Die discussies werden wat mij betreft ook gekenmerkt door gegoochel met percentages. Eén voorbeeld: in het recente jaarverslag en de voortgangsrapportage van de programma Nieuwe Energie Overijssel is ineens gekozen om het percentage Nieuwe Energie in Overijssel te rapporteren zónder mobiliteit. Dan staat het percentage namelijk op 10,5% en dat klinkt toch beter dan de 8,2% inclusief mobiliteit. “Daarmee gaan we de goede kant op”, schrijft het college. Nu heb ik de cijfers uit 2015 er even bij gepakt – die zijn keurig vermeld in het uitvoeringsprogramma – en ik heb uitgerekend wat het percentage Nieuwe Energie zonder mobiliteit was bij aanvang van het programma. Dat was 12,1%. Dus we zijn gegaan van 12,1% naar 10,5%. Hoezo de goede kant op?

Maar voorzitter, ik realiseer me dat dit soort gegoochel met percentages – of het college dat doet, of dat ik dat nu doe – niet leidt tot een zinvol gesprek over het gevoerde beleid. Ik zou wensen dat we de komende jaren met het nieuwe college wél een zinvol gesprek kunnen voeren. Dus, dat we ons niet doodstaren op doelstellingspercentages waarvan we best weten dat we die niet toch niet gaan halen, maar dat we een gemeenschappelijke taal vinden om te spreken over de impact van ons beleid en waar we dit kunnen verbeteren.

Ik ben benieuwd hoe het nieuwe college hierover denkt. En ben zelf zeker bereid om hierover mee te denken.

Dan het PAS. Als er één dossier is waarover de discussie met het vorige college op drijfzand gebouwd is gebleken, dan is het wel het Programma Aanpak Stikstof. Ruimte maken voor economische ontwikkeling bij natuurgebieden en daarmee het nemen van een hypotheek op de toekomst, heeft nooit op de goedkeuring van de Partij voor de Dieren kunnen rekenen. De stikstofuitstoot (en dus de druk op de natuur, op insecten, op weidevogels) is onverminderd hoog. Maar zelfs toen het advies van de Advocaat Generaal van het Europese hof duidelijk in een andere richting wees, is het college gewoon doorgegaan met het uitgeven van depositieruimte en het verlenen van vergunningen op basis van het PAS. Nu is het – na de uitspraak van de Raad van State – natuurlijk gemakkelijk praten, maar we hebben dit najaar naar aanleiding van het advies van het Europese Hof, er sterk op aangedrongen dat we als provincie ons dan toch op z’n minst zouden moeten voorbereiden op deze uitspraak. Maar dat was niet nodig, volgens het college. Het PAS als systeem zou overeind blijven, verzekerde de gedeputeerde ons.

Goed besturen, betekent ook vooruitzien. Los van alle politieke overwegingen, constateer ik dat het vorige college op dit punt gefaald heeft. Ook nu nog hebben wij – als PS – volstrekt onvoldoende zicht op de gevolgen van deze uitspraak. Wat zijn de gevolgen voor de boeren? Wat zijn de gevolgen voor de natuur? Welke financiële risico’s loopt de provincie nu de grond onder het PAS is uitgetrokken? Welke reeds gedane investeringen lopen gevaar omdat vergunningen nu ongeldig zijn geworden? We weten het niet.

In haar brief van 11 juni geeft het college aan dat er op 21 juni 2019 een vervolg Bestuurlijk Overleg plaatsvindt met de PAS partners waarin nadere afspraken zullen worden gemaakt voor de korte-, middellange- en lange termijn. Graag horen wij van de gedeputeerde wat hier uit is gekomen of wanneer en hoe wij hierover worden geïnformeerd.

Ook hebben we nog het losse eind van de vrijstelling vergunningsplicht voor Natura 2000 herstelmaatregelen. In een brief van de Samen werkt beter partners aan onze Staten roepen zij op om deze Partiële herziening op korte termijn te bespreken om onnodige bureaucratische vertraging bij het uitvoeren van natuurherstelmaatregelen te voorkomen. Graag een reactie van de gedeputeerde hoe hij hier mee om wil gaan.

Dan de Ontwikkelopgave Natura 2000. Deze opgave loopt nog tot het jaar 2027. Maar er begint al volop spanning te komen op dit dossier. Zowel financieel als in de voortgang. In de monitor wordt gemeld dat in dit kader is besloten om voor de Wieden/Weerribben het maatregelenpakket aan te passen. Die mededeling roept bij ons veel vragen op. Wat betekent het aanpassen van het maatregelenpakket voor de natuur? Gaan we minder doen? Hoeveel geld wordt daarmee bespaart? Wat betekent dit voor de doorlooptijd? Het voorontwerp heeft al ter inzage gelegen, moet dat nu opnieuw? Lopen we daarmee vertraging op? Graag een nadere duiding van de gevolgen van dit besluit.

Voorzitter, tot slot de overige beslispunten die bij de Monitor zijn gevoegd. Eén daarvan trok onze aandacht in het bijzonder, te weten beslispunt 6. In dat beslispunt wordt een forse ombouw van het programma Agro & Food voorgesteld, terwijl dit programma over 5 maanden afloopt. Het voorstel is om het subsidieplafond van het uitvoeringsprogramma te verhogen van € 3,5 mln naar € 7,5 mln. Het omlabelen van de € 4 mln van leningen naar subsidies lijkt een kleine aanpassing, maar is ruim een verdubbeling van het oorspronkelijke subsidieplafond. De Partij voor de Dieren is van mening dat we een dergelijke wezenlijke wijziging van het uitvoeringsprogramma niet zouden moeten doen op basis van enkele bijzinnen in de Monitor. Het Agro & Food programma wordt dit najaar geëvalueerd. Ik stel voor om de resultaten van deze evaluatie mee te nemen voordat we gaan besluiten over verruiming van het subsidieplafond. Ik dien daartoe een Amendement in.

Een vraag heb ik in dit verband voor het college. Hoe hoog is het bedrag dat tot nu is toegezegd als subsidies en garanties – maar dus exclusief leningen – onder het Agro & Food programma?