GGD rapport Gezond­heids­risico's Geiten­hou­derij


7 maart 2018

Voorzitter,

Ik werk in de offshore windenergie: de bedrijfstak die windparken op zee bouwt en onderhoudt. Ik moet er direct bij zeggen dat dit veel stoerder klinkt dan het is, want ikzelf zit meestal – heel gewoon – op kantoor achter m’n buro. Maar veel collega’s van mij gaan daadwerkelijk met regelmaat de zee op om daar windmolens te installeren of te onderhouden. Dat is risicovol werk. Niet alleen omdat het op zee is, maar ook omdat je op grote hoogte moet werken en in nauwe, afgesloten ruimtes waar je dan ook nog eens met zware apparatuur aan de slag moet.

Vanwege die risico’s wordt in mijn bedrijfstak heel veel aandacht gegeven aan veiligheid. We hebben een veiligheidfilosofie die bepaalt dat veiligheid altijd voor gaat. Veilgheid voorop, of eigenlijk – want ja, de voertaal is Engels – Safety First.

Safety First betekent echt letterlijk dat veiligheid altijd voor gaat. Of we doen een klus veilig, of we doen ‘m niet. Dus als je net twee uur bezig bent geweest om bij een windmolen te komen, waar je met vier man klaar staat om naar boven te gaan en je komt er achter dat je je klimharnas bent vergeten? Dan jammer dan, maar zonder klimharnas ga je niet naar boven. Dan kom je morgen maar terug met het hele team, en dan staat die windmolen maar een dag langer stil.

Voorzitter, het is waarschijnlijk mijn ervaring in de offshore windenergie die maakt dat ik er slecht tegen kan als ik hoor dat collega-statenleden er de mond vol van hebben dat volksgezondheid op de eerste plaats staat – of woorden van gelijke strekking – zonder daar vervolgens enige consequentie aan te verbinden.

Volksgezondheid voorop. Safety First. Het zeggen stelt niks voor. Er naar handelen, daar gaat het om. Er naar handelen, ook als het geld kost.

Voorzitter, vandaag ligt het rapport voor dat de GGD IJsselland op ons verzoek heeft gemaakt met een duiding van de gezondheidsrisico’s van omwonenden van geitenhouderijen in Overijssel. Ik denk dat het belangrijk is dat dit rapport er nu ligt, omdat we daamee de juiste getallen voor ons hebben en dus nu niet langer hoeven te discussieren over hoeveel mensen ziek worden door geitenhouderijen. Ik wil de GGD dan ook hartelijk bedanken voor dit rapport.

De balangrijkste constatering in het rapport is voor mij deze: [quote] Het aantal geschatte vermijdbare gevallen van longontsteking per jaar door geitenhouderijen binnen de blootgestelde populatie bedraagt gemiddeld 380. [unquote] Waarbij een spreiding wordt gegeven van 204 aan de onderkant en 564 aan de bovenkant.

Gemiddeld 380 gevallen van longontsteking per jaar door 56 geitenhouderijen in Overijssel. De Partij voor de Dieren vindt het veel, heel veel. Dat zijn dus gemiddeld 7 gevallen van longontsteking per jaar per geitenhouder. En als ik aanneem dat iemand met longontsteking daar toch al gauw 4 weken mee zoet is, dan liggen er in Overijssel op dit moment – dus nu, vandaag - maar liefst zo’n 30 mensen ziek thuis of in een ziekenhuis met een longontsteking door een geitenhouderij. Longontstekingen die dus vermeden hadden kunnen worden.

Voorzitter, onze fractie vind dit onacceptabel en ik ben echt verbaasd dat we er hier zo vaak over moeten praten voordat we tot maatregelen overgaan. En waarvoor? Aan de andere kant van de balans staan alleen de economische belangen van 56 geitenhouders. Ook als je van mening bent dat volkgezondheid niet altijd voor gaat en je er een economische afweging van wilt maken moet je toch direct zien dat het economische belang van slechts 56 geitenhouders niet op weegt tegen elk jaar 380 mensen die een longontsteking krijgen? Alleen al de economische schade van die 380 ziektegevallen doet de economische opbrengst van de geitenhouders volledig teniet, en dan heb ik het nog niet over het persoonlijk leed van de betroffenen.

Voorzitter, in september 2017 heeft de Partij voor de Dieren een motie ingediend voor een tijdelijke uitbreidingsstop van geitenhouderijen in onze provincie. Ik sta nog steeds achter die motie en zou/zal die vandaag ook weer steunen. Een uitbreidingsstop voorkomt namelijk dat het probleem groter wordt en voorkomt ook dat eventuele toekomstige maatregelen nog ingrijpender worden. Echter, in haar brief bij het GGD-rapport wijst het college van gedeputeerde staten er op dat een uitbreidingsstop het nu reeds bestaande risico niet weg neemt. En het zal u wellicht verrassen, maar ik deel die analyse van GS: een uitbreidingsstop doet niks voor die 380 mensen per jaar die bij de huidige stand van de geitenhouderij een longontsteking oplopen.

Maar anders dan het college, kom ik vervolgens niet tot de conclusie om dan maar helemaal niks te doen en die 380 vermijdbare gevallen van longonsteking dan maar te accepteren. Nee, volgens ons is de enige juiste conclusie dat naast een uitbreidingsstop ook ingegrepen moet worden in de bestaande geitenhouderijen. Alleen dan kunnen we het aantal gevallen van vermijdbare longonstekingen ook daadwerkelijk vermijden.

De Partij voor de Dieren, samen met ??, komt vandaag daarom met een motie om de geitenhouderijen in Overijssel uit te faseren. Zodat het aantal geitenhouderijen afneemt, zodat het aantal mensen dat in de buurt van een geitenhouderij woont kleiner wordt en zodat minder mensen een longontsteking oplopen door geitenhouderijen.

Voorzitter, Safety First. Volksgezondheid voorop. Nu nog de daad bij het woord.

Dank u wel.

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer